In de gemeente Deventer staat op dit moment ruim 90.000 vierkante meter commercieel vastgoed te huur, veelal bij diverse makelaars. Uiteraard vervelend voor de eigenaren van de panden, maar ook voor de stad. Immers, bij langdurige leegstand liggen verloedering en verpaupering op de loer. Goed beheer van dat leegstaand vastgoed is van belang. Niet alleen om vandalisme of  illegale bewoning te voorkomen, maar ook om de marktwaarde van het pand op peil te houden.

FMT vastgoedbeheer is als onderdeel van VPS Group een internationaal opererend bedrijf met onder andere een vestiging in Deventer. FMT richt zich op het beheer van leegstaand vastgoed en is onder andere actief met de invulling van het Deventer ziekenhuis. Senior projectleider Ivo Wewer is dagelijks op zoek naar oplossingen op maat. “Het beheer van leegstand varieert van kantoorgebouwen tot bedrijfshallen, van kerken tot kastelen en van woonwijken tot herontwikkelgebieden. We beheren commercieel vastgoed, maar ook gemeentelijk vastgoed en proberen altijd aanvullend te zijn op het werk van de makelaar”, zegt hij. “Bij ons gaat het altijd om tijdelijk gebruik, meestal een periode van bijvoorbeeld één jaar met een opzegtermijn van vier weken. Voor veel startende bedrijven is het een mooie mogelijkheid om op gang te komen. Als het lukt en de starter wil vervolgens een permanent onderkomen, dan sturen we hem direct door naar de makelaar. Het gebruik van een leegstaand pand kan net dat verschil betekenen tussen een succesvolle opstart en geen opstart.”

Wewer benoemt nog even de vooroordelen over leegstandbeheer. “Bureaus die zich richten op het beheer van leegstand vastgoed werden vroeger vaak vereenzelvigd met antikraak, hetgeen zorgde voor een negatief imago. Inmiddels heeft een professionaliseringsslag plaatsgevonden. FMT maakt heldere afspraken met gebruikers en gebouweigenaren over bijvoorbeeld de staat van oplevering bij het verlaten van het pand en de duur van het gebruik. Deze afspraken leggen we vast in duidelijke overeenkomsten, waar alle partijen zich aan dienen te houden. Het betreft echter meestal bruikleenovereenkomsten, geen huurovereenkomsten.”

Minder rechten

De grote verscheidenheid aan projecten vergt maatwerk. “Wij bieden oplossingen voor het hele leegstandsegment en initiëren flexibele en representatieve invulling. Daarbij kijken we nadrukkelijk naar het pand en het gebied. Soms spelen maatschappelijke belangen een grote rol, soms zijn financieel-economische aspecten hoofdzaak.” Zo werd het Deventer Ziekenhuis deels aan kunstenaars in gebruik gegeven en werd de rest afgesloten. “We zijn nu nog in gesprek met de gemeente over een verdere invulling. Alles is beter dan leegstand en in overleg met onze opdrachtgever zoeken we naar een leefbaar en maatschappelijk relevant alternatief.” De oplossing is overigens niet per definitie huisvesting van een ondernemer, kunstenaar of bewoner. “We kunnen het pand ook voorzien van camerabewaking of desnoods spijkeren we het dicht, ook al doen we dat liever niet omdat het de levendigheid en de leefbaarheid van de omgeving niet ten goede komt.”

De gebruikers bestaan voornamelijk uit studenten en starters. Maar ook steeds meer startende bedrijven en kunstenaars kiezen voor een leegstaand pand, simpelweg omdat het goedkoper is dan ‘gewone’ huur en het vaak bijzondere locaties betreft. De gebruiker heeft wel minder rechten dan bij een reguliere huurovereenkomst: zodra er een nieuwe bestemming wordt gevonden, moet hij het pand binnen vier weken verlaten. “Daarom sluiten wij ook nooit contracten af met mensen met heel jonge kinderen. Je kunt niet van een jong gezin verwachten dat het binnen vier weken een passende oplossing heeft gevonden”, zegt Wewer, die verder aangeeft dat ingebruikname altijd in overleg met de eigenaar plaatsvindt. “Bij het intakegesprek met een nieuwe gebruiker houden wij altijd rekening met de wensen van de eigenaar. Hij houdt ook te allen tijde zeggenschap over het pand. Het pand blijft namelijk van hem. Uiteraard heeft de gebruiker recht op een deugdelijke woning met verwarming, water en licht.”

Tijdelijke bewoning

Ook al gaat het om tijdelijke bewoning, het ligt voor de hand dat de gemeente niet alle soorten bewoning toestaat. Toch valt dat mee volgens Wewer. “Over het algemeen acht de gemeente het ook van maatschappelijk belang dat een pand in gebruik wordt genomen. Bij leegstandbeheer heb je overigens geen wijziging van het bestemmingsplan nodig. Een leeg kantoor mag dus wel bewoond worden, mits de veiligheid is gewaarborgd. Overigens houden wij ook zelf een vinger aan de pols. Als er midden in de stad een winkelpand leegstaat, kan daar niet een week later zomaar iemand in wonen. Het is niet veilig en bovendien past het niet in het straatbeeld en doet het afbreuk aan de winkelstraat. Je hebt ook te maken met de omgeving.”

Na een aantal jaren van laagconjunctuur zou je verwachten dat het goed gaat met bureaus in leegstandbeheer. Toch is het ook daar een moeilijke tijd. “Bij hoogconjunctuur zijn er meer kantoren beschikbaar omdat veel bedrijven verhuizen naar nieuwbouw. Dat geldt ook voor de woningbouw. Oude woningen van woningcorporaties komen leeg te staan, omdat er gesloopt of gerenoveerd gaat worden. Voorafgaand aan de sloop of renovatie van een wijk wonen hier dan vaak studenten, zoals in de Rivierenwijk hier in Deventer. Maar nu zien we ook minder vaak dit soort projecten. Daarnaast is het bij laagconjunctuur moeilijker om startende ondernemers te vinden. Aan de andere kant mogen we niet klagen. Hoog- of laagconjunctuur, er zijn altijd lege panden en er zijn altijd partijen die onderdak zoeken.”

- Advertentie -