Als kersverse voorzitter van VNO-NCW heeft Ingrid Thijssen door de corona-uitbraak te maken met een nieuwe realiteit. Ook los daarvan wachten er grote opgaven: denk aan de transities op het gebied van energie en arbeidsmarkt. “Bedrijven en ondernemers spelen daarbij een cruciale rol. Samen met onze leden hoop ik op deze positie echt verschil te kunnen maken.”

Tekst: Hans Hajée Fotografie: Robin Utrecht

Eerder was Ingrid Thijssen directeur Vervoer bij NS Reizigers en sinds 2017 bestuursvoorzitter van Alliander. Wat waren haar drijfveren voor de overstap naar VNO-NCW? “Ik houd ontzettend van dit land en voel mij persoonlijk verantwoordelijk voor volgende generaties. Onze kinderen en kleinkinderen moeten op een duurzame manier geld kunnen verdienen voor hun welzijn. Om dat voor elkaar te krijgen, moeten we grote vraagstukken oplossen. Denk aan de opwarming van de aarde. Daarbij spelen bedrijven en ondernemers een cruciale rol. Samen met onze leden hoop ik op deze positie echt verschil te kunnen maken. Bovendien vind ik het een eer om ondernemend Nederland te mogen vertegenwoordigen.”

Kracht van de polder

Vrijwel op hetzelfde moment dat Thijssen “ja” zei tegen haar nieuwe klus, was de eerste Nederlandse coronabesmetting een feit. “Van de ene op de andere dag kregen we te maken met een nieuwe realiteit en nieuwe verwachtingen. Tegelijkertijd liet dit ook de kracht van de polder zien. In no time hebben wij als VNO-NCW samen met vakbonden, MKB-Nederland en het kabinet een pakket met steunmaatregelen op touw gezet. Dit laat wat mij betreft pre-cies zien waar VNO-NCW in de kern voor staat; in het hart van de samenleving en de schakel tussen politiek, Den Haag en alle ondernemers in Nederland.”

Verdienvermogen vereist

De coronaschade voor ondernemers en economie moet tot een minimum worden beperkt, benadrukt Thijssen. “Vervolgens is het belangrijk om uit de crisis te komen door te investeren. Doordat publieke investeringen naar voren gehaald worden, door private investeringen te stimuleren en door het Nationaal Groeifonds. Voor de komende jaren zijn de oplossing van het klimaatprobleem, de knelpunten op de arbeidsmarkt, het bestendigen van onze koppositie qua kennis en innovatie en de verdeling van de welvaart belangrijke vraagstukken. Maar dat lukt allemaal niet zonder stevig verdienvermogen. Het stimuleren van internationaal ondernemen is daarin voor ons kleine land heel belangrijk. Daarbij is een sterk Europa cruciaal.”

Niet alsnog onderuit

Hoe beoordeelt Thijssen de corona-steunmaatregelen van de overheid? “Allereerst: dat wat het kabinet de afgelopen periode op touw heeft gezet, is historisch. Binnen zeer korte tijd zijn voor veel ondernemers regelingen ontwikkeld. Complimenten daarvoor. Nu de maatregelen weer strenger zijn en de reserves van ondernemers tot het nulpunt zijn gedaald, is het belangrijk dat in de kern gezonde bedrijven niet vlak voor de finish alsnog onderuit gaan. Daarom moet de steun ruimhartiger worden dan tot nog toe is voorzien, met vooral ook oog voor zwaar getroffen sectoren.”

Om verdere economische schade te beperken, is het ook cruciaal dat de testcapaciteit verder wordt opgeschaald. “Vanuit VNO-NCW is in samenwerking met VWS, GGD en Defensie gewerkt aan het opzetten van XL-sneltestlocaties. Ook zijn aanvullende plannen gepresenteerd om veel meer te gaan testen zodat de economie weer meer open kan.”

Ga in gesprek

Sinds de start van de crisis hebben Neder-landse banken boven op het steunpakket van de overheid volgens Thijssen 170.000 ondernemers financieel lucht kunnen geven. “Met uitstel van aflossingen, het verstrekken van leningen en meer kredietruimte aan bedrijven is 28 miljard euro gemoeid. Dat is echt enorm en wezenlijk anders dan in de vorige crisis. Maar banken zijn ook gebonden aan strenge regelgeving die inmiddels weer strakker aangetrokken is. Daarom blijft steun vanuit de overheid essentieel. Zit je als ondernemer in de problemen? Ga dan zo snel mogelijk in gesprek met je bank. Alleen zo kun je tijdig samen bekijken wat alle opties zijn. Wij knokken ondertussen voor aanpassingen in het derde steunpakket die kunnen helpen door deze zware tijd te komen.”

Toekomstgerichte investeringen

Nationaal en Europees is er een brede beweging om de herstelinvesteringen gericht in te zetten voor een substantiële versnelling van de energietransitie. “Wij staan daar vierkant achter”, zegt Thijssen. “In de onderhandelingen over het derde steunpakket heeft VNO-NCW steeds gehamerd op het aanjagen van de investeringen. Ook is benadrukt dat die toekomstgericht moeten zijn. Dus dat gaat zeker over de energietransitie. Maar ook over investeren in de sleuteltechnologieën voor de toekomst en infrastructuur. Het kabinet heeft daar een goed oor voor gehad. Zo komt er het Groeifonds van 20 miljard en de BIK van 4 miljard. Verder worden belangrijke investeringen in duur-zame infrastructuur naar voren gehaald. Dat helpt allemaal, ook bij de energietransitie.”

Circulaire dakbedekking

Bij die energietransitie speelt het bedrijfsleven een cruciale rol. “In mijn achterban zie ik prachtige initiatieven. Zoals plannen om veel meer groene waterstof te gebruiken in Noord-Nederland. Of de voornemens voor CO2-opslag en het slimmer gebruiken van warmte. Zie ook hoe snel de uitrol van laadpalen en de toename van het elektrisch verkeer gaan. Bij al mijn werkbezoeken komt de transitie ter sprake en ervaar ik waar ondernemers mee bezig zijn. Bijvoorbeeld het bedrijf Leadax. Zij maken volledig circulaire dakbedekking en verkopen die nu ook in het buitenland. Iedereen ziet wel kansen voor Nederland om internationaal koploper te worden. Of het nu gaat om meer her-gebruik van producten of nieuwe technologie.”

Maar niet alles gaat voorspoedig. “Sommige investeringen zijn voor het mkb of burgers erg lastig te dragen en niet een-twee-drie rendabel. Zij kunnen het dus niet alleen.”

Haken en ogen

Om de energietransitie meer vaart te geven, lijkt een CO2-heffing onontkoombaar. Maar volgens Thijssen zitten er de nodige haken en ogen aan dit instrument. “Als pleitbezorger van verduur-zaming vind ik de nationale CO2-heffing best een ingewikkeld onderwerp. Iedereen weet dat een prijs zetten op vervuiling effectief is. Dus ik ben in principe voorstander van een CO2-heffing. Maar nu gaat Nederland het in zijn eentje doen. Dat zet bedrijven die buitenlandse concurrentie hebben op achterstand wanneer zij niet in staat zijn de verduurzamingsmaatregelen te nemen die nodig zijn om die CO2-heffing te vermijden. Dat vind ik onverstandig. Immers, het klimaat wordt er niet beter van terwijl in Nederland werkgelegenheid kan verdwijnen. Een voorbeeld: een baksteenfabrikant heeft CO2-opslag nodig om te kunnen ver-duurzamen. Maar de infrastructuur die daarvoor door de overheid wordt gepland, komt niet bij zo’n bedrijf. En voor een alternatieve, uiterst kostbare oplossing bestaat geen subsidie-instrument. Uiteraard: het stoppen van de opwarming van de aarde is cruciaal en urgent. Maar reële problemen waar ondernemers daarbij tegenaan lopen, moeten wel opgelost worden.”

Van werk naar werk

Ook de arbeidsmarkt staat voor een ingrijpende transitie. “Al voor de coronacrisis was duidelijk dat het van werk naar werk brengen een van de grootste uitdagingen is voor de komende jaren. Door technologische ontwikkelingen verdwijnen veel banen; tegelijkertijd ontstaan nieuwe soorten werk. In de huidige crisis zien we branches waar banen wegvallen, maar anderzijds ook sectoren waar ze mensen keihard nodig hebben. Denk aan techniek, zorg, ICT en onderwijs. Dat is juist het bijzondere aan deze crisis: er liggen ook kansen. Het is nu vooral belangrijk hoe we mensen naar een andere baan kunnen begeleiden voordat ze werkloos worden. We zijn bezig om daarvoor een infrastructuur op te zetten. En de minister heeft op ons verzoek ook de portemonnee getrokken om sectoren en regio’s hierin te ondersteunen.”



Ingrid Thijssen: “Het is belangrijk dat gezonde bedrijven niet vlak voor de finish alsnog onderuit gaan.”

Bemoedigende signalen

Oost-Gelderland Business publiceerde een reeks interviews met Zakenvrouwen van het Jaar. Steevast kwam een quotum ter sprake als middel om ervoor te zorgen dat meer vrouwen topposities innemen. “Het kabinet komt met een quotum van 30% voor de raad van commissarissen van grote beursgenoteerde bedrijven. Dat is gebeurd op initiatief van de polder en dus van VNO-NCW. Ik denk dat dit gaat helpen om zaken te verbeteren. Er zijn bemoedigende signalen en ik zie steeds meer vrouwelijke bestuurders. Maar er is echt nog meer nodig.”

Ga ervoor

Uit de interviews met zakenvrouwen kwam ook naar voren dat rolmodellen van grote waarde zijn. “Ik heb dat vroeger altijd wat onderschat. Maar de afgelopen jaren merkte ik dat het voor jonge meiden en vrouwen belangrijk is dat vrouwen zichtbare maat-schappelijke functies bekleden. Daar zit wat mij betreft de relevantie. En ik hoop dat mijn benoeming er een beetje aan bijdraagt dat meiden zien dat elke job bereikbaar is zodat ze er ook voor durven te gaan. Vanuit dat perspectief zijn andere voorbeelden natuurlijk veel belangrijker. Zoals Margaret Thatcher, Angela Merkel, Christine Lagarde, Jacinda Ardern en nu Kamala Harris. Voor mijzelf was Els Borst zo’n rolmodel.”

Maatschappelijke verantwoordelijkheid

Naast het creëren van werkgelegenheid en het betalen van belasting wordt steeds meer gevraagd als het gaat om de maatschappelijke bijdrage van ondernemingen. Al stellen bedrijven zichzelf vaker concrete doelen op het gebied van bijvoorbeeld klimaat en diversiteit, vanzelfsprekend is dat nog niet. “Bedrijven hebben een belangrijke verantwoordelijkheid. Zij kunnen bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken, ook zonder dat daar direct iets tegenover staat. Dat wordt ook van ze verwacht; de overheid kan het eenvoudigweg niet alleen.”

Midden in de maatschappij

Ondernemers staan volgens Thijssen als geen ander midden in de maatschappij. “Ik ervaar bij al mijn werkbezoeken hoezeer bedrijven ermee bezig zijn. Van het zorgen voor reservisten voor Defensie tot de mkb’er die zijn werknemers techniekonderwijs laat geven. Van grote brouwers die handgel maken voor de zorg tot het touringcarbedrijf dat bussen ombouwt om coronapati?nten te vervoeren. We zijn een Rijnlands land: ondernemers houden niet alleen rekening met de aandeel-houders. Deze beweging wordt alleen maar sterker.”

Moet de politiek daarbij een sturende rol spelen? “Ik ben zeker geen voorstander van extra regels. De regeldruk in Nederland is al veel te hoog. Dat was voor een ondernemer die ik onlangs sprak de reden om zijn kinderen te adviseren het meer dan honderd jaar oude familiebedrijf niet over te nemen. Nederland is daarin echt doorgeschoten.”

- Advertentie -