Een aantal jaar geleden startte Henk van Tongeren Water & Techniek in Apeldoorn met de ontwikkeling van een innovatieve techniek voor de afvoer van regenwater en retourinfiltratie van grondwater in de bodem. Doel: klanten een oplossing bieden voor de toenemende regenval in ons land. Samen met een aantal marktpartijen werd binnen de stichting O2DIT gewerkt aan FHVI (fast high volume infiltration) onder de merknaam DSI. Dit jaar werd de wijze waarop regenwater wordt geïnfiltreerd in de bodem ook wetenschappelijk aangetoond door een promotieonderzoek van de Universiteit van Utrecht.

Henk van Tongeren Water & Techniek is een gespecialiseerde watertechnisch aannemer-installateur, met veel aansprekende projecten. Zo verzorgde het bedrijf de bronbemaling bij de A2-tunnel Maastricht en de A9-tunnel bij Amsterdam, en is net gestart met bronbemaling voor de nieuwe Blankenburgverbinding onder de Nieuwe Waterweg, de nieuwe A24 die de A15 en de A20 verbindt. Momenteel telt het bedrijf vijf vestigingen (Apeldoorn (hoofdkantoor), Zwolle, Eibergen, Appingedam en Drachtstercompagnie) en 75 medewerkers.

Vanwaar deze uitstap naar regenwater? “Nederland heeft steeds vaker te maken met piekbuien, stortregens van een bepaalde intensiteit. In vergelijking met honderd jaar geleden kennen we 40 procent meer neerslag en met elke graad temperatuurstijging neemt die verder toe. Aan de andere kant hebben we te maken met perioden van droogte, zoals de afgelopen twee zomers”, verklaart Guido van Tongeren, directeur-eigenaar bij Henk van Tongeren Water & Techniek. “Dus wordt water afvoeren of bergen belangrijker. Maar de huidige infiltratiekratten en bergingsriolen zijn niet berekend op deze grotere hoeveelheden regenwater.”

Bewezen techniek
In 2006 ontmoette Van Tongeren Werner Wils, een Duitse ondernemer die een octrooi bezat om de diepte van een boorput te bepalen voor het infiltreren van water in de bodem. “Ik heb toen een licentie aangekocht. Bronbemaling, het verlagen van de grondwaterstand om bouwwerkzaamheden mogelijk te maken, is onze corebusiness. Het terugzetten van water in de bodem, vlak bij waar je het onttrekt, is het beste voor het grondwaterpeil in de omgeving. Maar deze retourbemaling is lastig en vergt dure constructies, vandaar mijn interesse.” Binnen de stichting O2DIT werken diverse marktpartijen samen aan FHVI (fast high volume infiltration). Inmiddels heeft een promovendus ook wetenschappelijk aangetoond dat het systeem werkt. “Toen was de volgende vraag: als dit kan met bronbemaling, kan het dan ook met regenwater?”

Nederland kent aparte rioolsystemen om vuil en schoon water te scheiden. “Het is echter niet altijd handig om regenwater – mooi, zoet water – af te voeren naar het IJsselmeer. Het beste zou zijn om die neerslag in de bodem op te slaan en zo voorraden op te bouwen voor perioden van droogte”, stelt Van Tongeren. “De huidige methoden om regenwater op te slaan, zijn prima, maar de infiltratiecapaciteit en afvoer zijn onderontwikkeld. Daar zijn wij op ingesprongen. Met een grotere infiltratiecapaciteit is een berging sneller leeg en kun je meer regenwater bergen. Onze DSI-infiltratietechniek helpt om regenwater door middel van bronnen in de grond te infiltreren.”

Gemeentelijke projecten
“We maken een boring tot een bepaalde diepte, sluiten daar het bestaande infiltratiekrat op aan, zodat het water in de bodem, onder het grondwaterpeil, kan afstromen. Dit gebeurt door middel van de natuurlijke overdruk in het systeem tijdens een regenbui. Een snellere afvoer vanuit de berging heeft tevens tot voordeel dat er minder (dure) bergingen nodig zijn, een aanzienlijke kostenbesparing. “En omdat je aan de bovenkant weinig oppervlakte inneemt, kun je makkelijk bouwen tussen diverse systemen.” Inmiddels is een aantal gemeenten klant bij Henk van Tongeren. In nauwe samenwerking heeft een consortium bestaande uit onder andere de gemeente Apeldoorn, O2DIT en Henk van Tongeren een Life+ (Europese) subsidie weten binnen te halen. Eind dit jaar gaat het eerste project van start.

Henk van Tongeren Water & Techniek bedient naast gemeenten ook marktpartijen, provincies en waterschappen; partijen die in hun gebied verantwoordelijk zijn voor problemen door regenwater. Maar de techniek kan ook interessant zijn voor bedrijven met grote daken die het regenwater slecht kwijt kunnen (“bergingsvijvers zijn duur”). “Heel Nederland staat voor de uitdaging zuinig om te gaan met zoet water. En in West-Nederland kan de techniek uitkomst binnen tegen verzilting van de grond. Zoet water drijft op zout water en door opslag van zoet water ontstaan een soort bellen die verzilting tegengaan, wat gunstig is voor planten.”

Proeftuin
Bij zijn bedrijf aan de Zwaansprengweg in Apeldoorn heeft Van Tongeren een proeftuin, waar klanten kunnen komen kijken hoe het systeem werkt. Zelf onderzoek doen vindt hij heel belangrijk. “Bij regenwater heb je te maken met organische verontreiniging zoals blad. Als je daar niets aan doet, slibt de bron dicht. Dus hebben we een oplossing bedacht om blad beter af te vangen, zodat alleen schoon water in de bron stroomt.” Zo hoopt Van Tongeren te komen tot een concept dat breed uitgerold kan worden. “Regenwater is een Europees probleem dat een standaardoplossing vergt, anders is het al snel te duur.”

Daarnaast werkt Henk van Tongeren Water & Techniek aan een bijzonder project op Terschelling: het verwijderen van de watercrassula, een exotische plant die het eiland overwoekert en andere vegetatie verdringt. “Het grondwater moet worden afgevoerd om die planten te kunnen afgraven. De hele markt liep daarvoor weg, maar ik richt me juist graag op bijzondere problemen met water”, zegt Van Tongeren. “Voor de continuïteit van je bedrijf moet je toegevoegde waarde blijven leveren. Dat kan alleen door nieuwe technieken te omarmen, innovatief te zijn en continu te verbeteren.”

- Advertentie -