Als jong Pluisje was ik bang voor de scharensliepers. Dat was een terechte angst. Ze kwamen aan de deur met het aanbod om de messen en scharen weer scherp te maken. Mijn moeder wist dat ze dan meteen naar de achterdeur moest rennen om die te barricaderen. Want daar dreigden op hetzelfde moment de handlangers binnen te dringen om het tafelzilver te stelen. Niet dat we tafelzilver in huis hadden, maar evengoed.

Het duurde nog jaren tot ik echt slachtoffer werd van een misdrijf dat toen bekend stond als scammen. Je hoort er niet veel meer over, dus het zal inmiddels wel een verouderd businessmodel zijn. Bij een NS-automaat hadden criminele slimmeriken de gegevens van mijn bankpasje gekopieerd. Nog geen uur later was er ergens in Italië 250 euro gepind en van mijn rekening verdwenen. De volgende dag opnieuw en de volgende dag weer en de volgende dag nog een keer… Aangifte doen was niet nodig volgens mijn bank. Alle gestolen bedragen kreeg ik netjes terug. Achteraf stond ik versteld van de inventiviteit van de digitale dieven. Bankgegevens stelen op een station in Midden-Nederland en binnen zestig minuten duizend kilometer verderop mijn euro’s in de zak steken. Organiseer het maar.

Mijn computer, laptop, tablet en smartphone zijn inmiddels met hang-en sluitwerk vergrendeld. Hoewel ik er geen idee van heb hoe die beveiliging werkt. Als ik de gegevens van mijn digitale bodyguard mag geloven, houdt hij wekelijks meer dan honderd pogingen tot inbraak tegen. Dat geeft weliswaar een illusie van veiligheid, maar er glipt wel eens wat tussendoor.

Met een dubieus vertaalprogramma opgestelde e-mails bijvoorbeeld over de houdbaarheid van mijn creditcard. Of over een vriend in nood in een gevaarlijk land en of ik hem wil helpen met een financiële bijdrage. Of over het kapen van mijn website. De leukste was een mededeling waarin mijn zogenaamde bestelling voor 17 vibrators werd bevestigd. “Klik hier om uw bestelling te annuleren.”

Ik word nu lastig gevallen door Olga, Natasja, Varvara, Barbie en collega’s die graag een afspraakje met we willen maken. Ik voel me vereerd, maar liever toch maar niet. Zo houd ik de deur dicht en maak ik mezelf wijs dat ik met boerenslimheid een eind kom in de digitale wereld. Maar dat is een illusie.

Ik sprak een digitale marketeer, gespecialiseerd in het irritant benaderen van mensen nadat ze iets hebben gezocht in een webwinkel. “U had interesse voor een ledikant, mag ik u wijzen op andere slaapmogelijkheden?” Zoiets. Ik werd er nijdig over. Stel je voor dat mijn groenteman bij mij aanbelt. “U was in mijn winkel en u keek naar mijn tomaten. Ik heb paprika’s bij me. Hoeveel wilt u er hebben?” Ga ik dan op zijn aanbod in of sla ik hem op zijn bek?

Digitale overrompelingen staan niet zover af van de benadering van de scharensliepers van voorheen. Criminelen hebben zo hun eigen manieren.

Het wordt ergerlijk als zogenaamd fatsoenlijke partijen de hinderlijke methodes overnemen.

Pluisje.

- Advertentie -