Dit verhaal begint op de laatste dag van 2011. Sanne Streefkerk stapte na tien uur vliegen op oudejaarsavond uit op de luchthaven van Entebbe in Uganda. In een busje reed ze door het donker naar Masaka, op weg naar haar eerste ervaringen als vrijwilliger in Afrika. “We werden aangereden door een taxi. Ik kon meteen medische hulp verlenen. Bij een oude mevrouw was een schouder uit de kom geschoten. Het lukte me om die weer terug te zetten.”

“In een paar dagen reisde ik van de luxe die ik gewend was naar een gebied waar mensen niets hebben. Geen stromend water, nauwelijks kleding en voeding die voornamelijk bestaat uit matoke: gekookte groene bananen. Ik hielp mee met de aanleg van watertanks, assisteerde bij het consultatiebureau van het gezondheidscentrum en werkte mee aan het bouwen van huisjes met kluiten van zand en klei, en staketsels van bamboe. Ik heb mensen dood zien gaan, die gered hadden kunnen worden als er elektriciteit was. Ik heb een baby met zware brandwonden onder mijn hoede genomen, nadat een olielamp was omgevallen in het schamele hutje van de ouders.”

Getroffen door de schrijnende armoede
Thuis in Putten hadden haar ouders het volste vertrouwen in de vrijwilligersactiviteiten van hun dochter. Al maakten ze zich uiteraard ook zorgen. Vader Pieter Streefkerk vertelt: “Het was haar avontuur. Elke woensdag hadden we telefonisch contact. Op een bepaald moment begreep ik van Sanne dat een verwarde man stenen naar het vrijwilligersgebouw gooide. Ik voelde me daar niet lekker bij. Bovendien had Sanne me al herhaaldelijk duidelijk gemaakt hoe lastig het is om precies uit te leggen hoe het daar is. ‘Je moet het zelf proeven, ruiken en beleven om het te snappen,’ vertelde ze me. Bij mij ging er een knop om; ik wilde naar haar toe. Met mijn vrouw Marga en onze jongste dochter ben ik afgereisd. We werden meteen getroffen door de schrijnende armoede. Maar vooral ook door de vriendelijkheid en de warmte van de mensen. Wij voelden ons in Uganda veilig en ontzettend welkom.”

Watertanks
Indirect had deze reis tot gevolg dat Pieter Streefkerk besloot om zijn bedrijf Bureau Streefkerk te verkopen. Daarmee maakte hij tijd vrij om aan de slag te kunnen om mensen in het district Lwengo te helpen. Samen met Marga spande hij zich in om fondsen te werven ter ondersteuning van een basisschool, medische voorzieningen en de lokale stichting Lwerudeso. “Een van de grote problemen is het gebrek aan water,” vertelt Marga Streefkerk. “Dankzij sponsoring en de opbrengst van de vastenactie in de kerken van Putten konden er tien watertanks gebouwd worden.”

Eerlijke business
“Uiteraard wilden we de nieuwe watertanks zien. Dat gebeurde in 2014. Ik sprak toen ook met de twee drijvende krachten van de vrijwilligersorganisatie Lwengo Rural Development Support Organisation. Allebei directeuren van een basisschool. We namen diverse plannen door om iets wezenlijks bij te dragen aan de werkgelegenheid op basis van eerlijke business. In dat kader sprak ik ook met de eigenaar van het eenvoudige backpackershotel in Masaka waar wij doorgaans slapen. Ook hij wilde graag helpen om de armoede te bestrijden.”

Onderwijs en werkgelegenheid
“Inmiddels zijn we zes keer in Lwengo geweest, hebben we de projectleiders van Lwerudeso goed leren kennen en hebben we achter de schermen kunnen kijken. We stelden vast dat de school in Lwengo heel goed draait, maar dat heel veel kinderen niet naar school kunnen omdat het schoolgeld niet voorhanden is. Naar mijn idee ligt de bestrijding van armoede bij onderwijs en het creëren van werk (en dus inkomen).”

Lwengo Kids Foundation
Dit is nog lang niet het einde van dit verhaal. Marga Streefkerk: “Integendeel. In 2017 kregen we het verzoek om in Nederland sponsors te zoeken om het voor meer kinderen mogelijk te maken naar school te gaan. We hebben daarvoor de stichting ‘Lwengo Kids Foundation’ opgericht. – die de ANBI status heeft gekregen.” (ANBI staat voor ‘Algemeen Nut Beogende Instellingen’, de Belastingdienst geeft aftrek voor giften aan deze organisaties, red.) Inmiddels hebben 77 kinderen dankzij de Foundation een sponsor gevonden. Voor 150 euro per jaar kunnen zij naar school en bouwen aan een betere toekomst.

LKF bezoekt de kinderen 2 x per jaar en informeert de sponsor persoonlijk over hun sponsorkind. “Bij ons geen algemeen briefje met een verslag van de schoolprestatie en de mededeling dat het kind arts of piloot wil worden, ”zegt Pieter lachend,“ maar een persoonlijke rapportage met actuele foto’s.” Marga voegt toe: ”we streven naar het opbouwen van een persoonlijke band tussen de sponsor en het gesponsorde kind. We zullen ook niet aarzelen de sponsor te benaderen als extra zorg voor hun kind nodig is.”

Toekomstplannen
“Wij willen ook proberen vervolgonderwijs in Lwengo te realiseren want alleen basisonderwijs is natuurlijk niet voldoende. Daartoe zoeken wij partnerships met (middelbare) scholen in Nederland,” zegt Pieter “Een ander plan is aan de arme gezinnen van het sponsorkind een varken te geven. Varkensvlees is schaars en levert een goede prijs op. Hiermee hopen wij de gezinnen een financiële impuls te geven zodat zij minder afhankelijk worden van donaties. De achterliggende gedachte hierbij is : geef een hengel en leer hen vissen in plaats van vis te geven.”

Lwengo Kids Foundation komt heel graag in contact met scholen en ondernemers die ons willen helpen bovenstaande ideeën te realiseren.

Voor mee informatie zie www.lwengokids.nl

- Advertentie -