De nieuwste genomineerde voor de Sterkste Schakel Trofee 2018 is het WALHALLAb in Zutphen. Dit bedrijf heeft klantgerichtheid op een bijzondere manier hoog in het vaandel staan.

Korczakprijs
Zo’n tien jaar geleden begon Marco Mout met het concept dat inmiddels is uitgegroeid tot het WALHALLAb. Hij zag jongeren die worstelden met het onderwijssysteem en besloot hen op een andere manier te prikkelen. Inmiddels is hij als ‘eindbaas’ samen met een groep ondernemende medewerkers verantwoordelijk voor een bedrijf waar zo’n zestig kinderen hun talenten optimaal benutten. Voor de inspanningen van Mout en het WALHALLAb ontving het bedrijf zelfs de Korczakprijs. Een prijs die slechts tweejaarlijks wordt uitgereikt aan ‘een organisatie die op bijzondere wijze actief vormgeeft aan een pedagogische praktijk waarin kinderen, geheel in de geest van het gedachtegoed van Korczak, tot hun recht komen.’

Zonder protocol
Mout noemt WALHALLAb het meest ongewone bedrijf van Nederland. Hij gelooft dat je talenten van jongs af aan moet stimuleren om het meeste uit mensen te kunnen halen en doet niet aan hokjesdenken. Er is wel één eis: de medewerkers van WALHALLAb gaan allemaal naar school, want dat heb je gewoon nodig in het leven.

Mout is er duidelijk over: “Wij zijn allesbehalve een school. Veel te veel protocollen, wij willen het beste uit onze medewerkers halen op de manier die bij hen past. Wij hebben een machinewerkplaats waar de kinderen zelf allerlei machines gebruiken. Er is nog nooit een ongeluk gebeurd, maar probeer jij in het huidige onderwijssysteem maar eens om een kind van tien met een kettingzaag te laten werken. Hier lukt dat doordat jongeren zelf verantwoordelijkheid nemen, over veiligheid nadenken en naar zichzelf durven kijken.”

Slim of dom?
Het WALHALLAb heeft in de loop der jaren veel publiciteit gehad. De eerste jongeren die Mout onder zijn hoede had schoven aan bij De Wereld Draait Door, er werd een documentaire over het bedrijf gemaakt en Mout hield een TEDx talk over zijn bedrijf. “Daar zaten allemaal jongeren van een jaar of zestien zichzelf heel slim te vinden. Ik meldde hen in mijn openingszin dat ik ze maar dom vond en vroeg een oudere man in spijkerbroek op te staan. De jongeren hadden ongetwijfeld een prima IQ, maar ze vergaten om verbindingen te leggen. Die man die zij voor oude grijsaard aanzagen, was de directeur van KPN. Kinderen moeten niet alleen met hun IQ leven, ze moeten ook met de rest van de wereld om kunnen gaan.”

“Soms komen hier ‘zorgenkinderen’ binnen en daar komt dan gelijk een dossier van een paar kilo bij mee. Dat lezen wij niet. We schudden zo’n jongere de hand en laten hem of haar aan het werk gaan. Dat loopt elke keer anders, protocollen passen niet bij WALHALLAb.”

Het verdienmodel
Talenten staan centraal, dat levert bijzondere situaties op. Deskundigen die niet weten wie de autist van de groep is bijvoorbeeld. “Wij halen het beste uit de jongeren hier en dwingen ze niet in een vooropgesteld systeem te draaien. Door zo’n autist zichzelf te laten zijn, kan hij nu z’n eigen lesgroepen draaien en verdient hij zijn eigen geld.”

Het verdienmodel van WALHALLAb is eenvoudig: subsidies zijn absoluut uit den boze, kinderen betalen een uurtarief en daarnaast betalen zij voor de materialen die ze gebruiken. Deze inkomsten worden gebruikt voor aanschaf van materialen, gebouwen en machines. “Gelukkig zijn er steeds meer bedrijven die met ons samenwerken. Zo mogen we materialen uit de afvalstromen van Circulus Berkel halen en is IKEA een samenwerkingspartner van ons.” Niet de minste namen en daar is Mout trots op. Al heeft hij aan trots verder weinig, het gaat hem om de kinderen.

Hoe het in de praktijk werkt
“Twee jaar geleden kregen we een opdracht van de Europese Unie, voor een kunstwerk bij een opleidingsinstituut in Trier. Een veertienjarige medewerker met een talent voor lassen was daar hard mee aan het werk, maar zijn schoolresultaten waren niet goed. Hij moest uiteindelijk stoppen bij WALHALLAb. Vlak voor hij de deur uitliep, vertelde ik hem terloops dat het voor ons jammer was dat hij wegging, met al zijn kwaliteiten, maar dat we in Trier iemand nodig hadden die Duits sprak. Uiteindelijk kwam de jongen een week later alweer terug, hij had zelf bijles geregeld en heeft nu een arbeidsmentaliteit waar veel mensen nog iets van kunnen leren.”

Bij WALHALLAb staat niet het probleem, maar de oplossing centraal. “We kregen een meisje dat ging overgeven zodra het onderwerp rekenen ter sprake kwam. Toen ze hier kwam vroeg ik haar hoeveel zakgeld ze had, omdat ze graag een tafeltje voor haar ouders wilde maken. Ik vertelde haar dat ze met de acht euro die ze had anderhalve meter hout en een beetje staal kon kopen. Dat was haar hernieuwde kennismaking met cijfers. Inmiddels heeft ze haar eerste externe opdracht in haar zak en daar maakte ze zelf de offerte voor. Geweldig toch?”

Dromen? Nee!
Op de vraag of Mout dromen heeft voor zijn WALHALLAb reageert hij fel: “Wij doen niet aan dromen, we werken van dag tot dag, laten vallen wat niet werkt en gaan door met de goede dingen. Op die manier groeit het vanzelf. We zijn een nuchter bedrijf.” Stiekem kijkt Mout wel naar landelijke ontwikkeling van zijn concept en een webshop op de website zit er ook aan te komen. Maar het belangrijkste voor Mout is: “We maken hier mooie dingen, van zowel mensen als producten.”

- Advertentie -